Onderdeel van VluchtelingenWerk Nederland    
SVMG afdeling_Apeldoorn
Germanenlaan 360, 7312 JJ Apeldoorn - Tel.: 055 542 8888 Fax:055 5339342
Naar de
beginpagina
De nieuwe wet innburgering
Reclamepost en
verkooptelefoontjes
Pesten
aanpakken
Stoppen
met roken
Begrafenis
verzekering
Bevolkingsonderzoek
naar borstkanker
Veilig geld opnemen
bij de PIN automaat
NL
Slachtofferhulp
in Apeldoorn
NL
Kwijtschelding gemeente-belastingen

 

 

 

 

 

 


Pesten

Er is een groot verschil tussen plagen en pesten. Iemand plagen is niet zo erg. De ander plaagt wel weer eens terug. Plagen kan zelfs geinig of lollig zijn zolang de plager en de geplaagde even sterk zijn. Tegen een beetje geplaagd worden moet iedereen kunnen.

Pesten is anders. Pesten is niet leuk meer. Nu is het ene kind altijd sterker dan het andere. De één heeft altijd een grotere mond en heeft de meeste invloed in de groep. De ander is altijd de verliezer. Pesten gebeurt meestal niet één keer. Gepeste kinderen zijn steeds opnieuw het slachtoffer van de pester. Dag in dag uit. Dat is niet lollig of geinig meer. Het is gemeen!
Een kind dat gepest wordt, voelt zich meestal doodongelukkig. Het heeft nergens meer zin in of wil nergens meer naar toe. Het kind wordt bang en gaat zich heel erg alleen voelen. Dit duurt niet even maar kan alle dagen van het kind gaan beheersen.

Niet alleen het gepeste kind heeft een groot probleem. Ook de pester heeft een probleem, al weten de pestende kinderen dit zelf meestal niet. Kinderen die pesten zijn vaak erg onzeker. Misschien lijken ze heel zelfverzekerd, in werkelijkheid zijn ze heel bang om door anderen niet geaccepteerd te worden. Ze gaan zich stoer gedragen tegenover anderen en kiezen hiervoor een slachtoffer uit die ze gemakkelijk aankunnen. Ze dwingen door dit gedrag acceptatie in de groep af. Vaak zijn ze boos of verdrietig over een bepaalde situatie. Hun ouders zijn bijvoorbeeld gescheiden of ze krijgen thuis te weinig aandacht. Pestende kinderen vinden het fijn om te zien dat anderen zich ook ongelukkig voelen.

Pesten gaat niet vanzelf over. Alleen met de hulp van anderen kan het pesten stoppen. Een eerste goede stap is om over het probleem te praten met bijvoorbeeld ouders, leraren of vrienden. Alleen het vertellen van het probleem kan al een opluchting zijn. Toch vinden de meeste kinderen het moeilijk om aan anderen te vertellen dat ze gepest worden. Het is daarom belangrijk dat ouders en leraren goed opletten of kinderen gepest worden. Er zijn vele signalen die er op kunnen wijzen dat een kind gepest wordt. Zo kan het bijvoorbeeld, dat het kind laat merken, dat niet graag meer naar te school gaan. Dat het slecht slaapt en nachtmerries heeft of dat het nooit meer vrienden of vriendinnetjes mee naar huis neemt. Als u erachter komt, dat uw kind gepest wordt, neem het dan serieus. Praat erover en geef niet slechts het advies om het pesten maar te negeren. Ga ermee naar de leraar of bijvoorbeeld de trainer van de sportclub. Zorg ervoor dat ze er iets aan gedaan wordt, dat het pesten stopt. Of bel, zonder dat uw kind het weet, de ouders van het pestende kind (doe dit wel heel voorzichtig en alleen als u geen andere mogelijkheden ziet).

Ook als u zelf merkt of van anderen hoort dat uw kind anderen pest, moet u hier werk van maken. Verstop u niet voor de feiten en neem het serieus. Probeer erachter te komen waarom uw kind pest. Misschien krijgt uw kind te weinig aandacht of is er een andere vervelende oorzaak? Probeer het kind duidelijk te maken wat het een ander aandoet door het te pesten.

Ook de meelopers en de toekijkers kunnen met het probleem van het pesten zitten. Pesten kan de sfeer in een klas of groep ernstig verstoren. Ook deze kinderen durven meestal niet te praten over wat er gebeurt. Ook bij deze kinderen moeten ouders en leraren dus goed opletten.
Pesten is een moeilijk en ingewikkeld probleem dat altijd serieus genomen moet worden. Voor kinderen die hun problemen niet zelf kunnen oplossen is er veel informatie te krijgen over pesten. Kijk eens in de bibliotheek naar boeken over pesten of kijk eens op internet.

Ook is er de kindertelefoon (tel. 0800 0432 elke dag van twee uur 's middags tot acht uur 's avonds). Hier kan het kind zelf naar toe bellen.